Ziggo internetverbinding (2)
Omdat ik nauwelijks tijd heb om stukjes te schrijven, maak ik dankbaar gebruik van de kans die Ziggo me bood om makkelijk te scoren. In een vorig berichtje, schreef ik over mijn Ziggo internetverbinding. ‘Tsja, Ziggo’ zei Arnoud Engelfriet. In het berichtje schreef ik onder andere over het instellen van alternatieve DNS-servers en vroeg ik me af of ik die zomaar in kan stellen als het afhangt van de algemene voorwaarden van Ziggo.
Welnu, ik heb het de klantenservice van Ziggo per e-mail gevraagd.
Stefan Kulk: ‘Is het mij toegestaan andere DNS servers in mijn router in te stellen dan de automatisch verkregen DNS server adressen via Ziggo’s DHCP?’
Een medewerker van de afdeling Klantenservice bij Ziggo: ‘U krijgt automatisch een DNS van ons, u kunt niet instellen als andere DNS, hiermee zouden de verbinden niet kunnen werken.’
Zucht…
P4P, vooral sneller legaal downloaden
Op nu.nl viel mijn oog op een artikel: ‘P4P-technologie biedt grote snelheidswinst‘, ook Webwereld besteedde al eerder aandacht aan deze nieuwe technologie. Nu.nl legt P4P als volgt op begrijpelijke wijze uit:
“Bij traditionele zogenoemde p2p-systemen, zoals Bittorrent, worden stukjes van grote bestanden gedownload vanaf servers die zich overal op internet kunnen bevinden. P4P houdt daarentegen rekening met de lokatie van de gebruiker, en probeert zoveel mogelijk fragmenten te downloaden van computers die zich op hetzelfde netwerk bevinden.”
Internet Service Provider Comcast deed al testen met P4P-technologie, ook wel Proactive network Provider Participation for P2P genoemd. Daarvan heeft Comcast verslag gedaan in een Internet Engeneering Task Force-memo. Comcast deed dit experiment samen met andere leden van de P4P werkgroep. Het belang van ISP’s om P4P-technologie toe te passen op hun netwerken is gelegen in de kostenbesparing die het oplevert. De snelheidswinst zit hem in het zo lokaal mogelijk routeren van data, meer daarover is te lezen bij de Universiteit van Washington en meer gedetailleerd in een researchpaper van de onderzoekers die P4P ontwikkelden.
Sneller muziek, films en software downloaden!
Dat is waarschijnlijk het eerste waaraan je denkt, maar helaas. De P4P-werkgroep stelt zich namelijk onder andere het volgende tot doel:
“Determine, validate, and encourage the adoption of methods for ISPs and P2P software distributors to work together to enable and support consumer service improvements as P2P adoption and resultant traffic evolves while protecting the intellectual property (IP) of participating entities.”
Vooralsnog valt er in het researchpaper niets te ontdekken dat lijkt op copyrightfilters of andere mechanismen om de inbreuk op intellectuele eigendomsrechten te stoppen. Wel is het zo er grote contentproviders deelnemen in de werkgroep en dat de overkoepelende organisatie DCIA het als zijn taak ziet om een einde te maken aan auteursrechtinbreuken:
“Our number one priority clearly is the elimination of copyright infringement and, because DCIA advocates the commercial development of distributed computing (as opposed for example to trying to stop it), our key strategy centers on proliferating legitimate commercial services to displace unauthorized media file sharing currently being conducted by consumers on a massive scale.”
Voorlopig dus geen filters of andere mechanismen, maar met dit in het achterhoofd kan ik het me moeilijk voorstellen dat ze uit zullen blijven. En daarover lees je helaas nauwelijks!
Anders denken over auteursrecht
De technologie is ver gevorderd maar het auteursrecht raakt achterop: tijd voor een vernieuwing van het auteursrecht. Dat is kort en ongenuanceerd de boodschap van Lawrence Lessig (rechtenprofessor aan de Universiteit van Stanford en medeoprichter van Creative Commons) in de The Wall Street Journal waarin hij zijn nieuwste boek ‘Remix’ aankondigt. Lessig introduceert het onderwerp aan de hand van een zaak die zich even geleden afspeelde en betrekking had op een DMCA-takedown van een YouTube filmpje met in de hoofdrol een 13 maanden oud jongetje dat een origineel dansje doet op ‘Let’s go crazy’ van Prince. Het ging om een filmpje van 29 seconden dat voornamelijk bedoeld was voor familie en vrienden waarin op de achtergrond een CD speler auteursrechtelijk beschermd werk van Prince speelde. Universal, de platenmaatschappij van Prince, stuurde een brief naar YouTube en eiste de verwijdering van het filmpje. YouTube verwijderde het filmpje.
Deze zaak deed stof opwaaien omdat het verzoek om tot verwijdering over te gaan en de verwijdering op zichzelf verre van redelijk waren. De kwaliteit van de achtergrondmuziek was erg laag en het is daarom moeilijk voor te stellen dat er personen zijn die dit YouTube filmpje als een alternatief voor een betaalde kopie van Prince’s ‘Let’s go crazy’ beschouwen.
Mevrouw Lenz, de moeder die het kleine jongetje filmde, stuurde met hulp van de Electronic Frontier Foundation (EFF) een ‘counter-notice‘ aan YouTube waarin zij stelde dat er geen sprake was van een schending van de rechten van Warner. Lenz startte een rechtszaak en eiste dat voor recht verklaard wordt dat de haar filmpje geen inbreuk maakt op het auteursrecht van Warner. De zaak is nog onbeslist, het verloop van de procedure is te vinden bij de EFF.
Anders denken over auteursrecht
“How is it that sensible people, people no doubt educated at some of the best universities and law schools in the country, would come to think it a sane use of corporate resources to threaten the mother of a dancing 13-month-old? What is it that allows these lawyers and executives to take a case like this seriously, to believe there’s some important social or corporate reason to deploy the federal scheme of regulation called copyright to stop the spread of these images and music? “Let’s Go Crazy” indeed!” (Lessig in The Wall Street Journal)
Meer dan vroeger is creativiteit vaak een ‘remix’ van creativiteit van anderen. Nieuwe techniek en digitalisering stellen ons hiertoe in staat. Lessig zou graag een scheiding zien naar amateuristische en professionele creativiteit. Een voorbeeld van een amateuristische ‘remix’ is het filmpje van mevrouw Lenz.
“We need to restore a copyright law that leaves ‘amateur creativity’ free from regulation. Before the 20th century, this culture flourished. The 21st century could see its return. Digital technologies have democratized the ability to create and re-create the culture around us. Where the creativity is an amateur remix, the law should leave it alone. It should deregulate amateur remix.”
Wanneer je voordeel trekt uit de creativiteit van anderen, is een betaling op zijn plek:
“If a parent has remixed photos of his kid with a song by Gilberto Gil (as I have, many times), then when YouTube makes the amateur remix publicly available, some compensation to Mr. Gil is appropriate — just as, for example, when a community playhouse lets neighbors put on a performance consisting of a series of songs sung by neighbors, the public performance of those songs triggers a copyright obligation (usually covered by a blanket license issued to the community playhouse). There are plenty of models within the copyright law for assuring that payment. We need to be as creative as our kids in finding a model that works.”
Wat dat betreft lijkt Buma/Stemra zijn tijd vooruit waar het gaat om de ontwikkeling van licenties voor bijvoorbeeld het embedden van YouTube filmpjes op bedrijfsmatige websites. Het is te betreuren dat dit juist problematisch is in het huidige systeem van auteursrecht, Arnoud Engelfriet legt op zijn weblog uit waarom. Het is niet mijn bedoeling het hele slot van Lessig’s essay in The Wall Street Journal hier te kopiëren. Daarom hier het laatste citaat:
“Copyright law is triggered every time there is a copy. In the digital age, where every use of a creative work produces a ‘copy’, that makes as much sense as regulating breathing. The law should also give up its obsession with ‘the copy’, and focus instead on uses — like public distributions of copyrighted work — that connect directly to the economic incentive copyright law was intended to foster.”
Lawrence Lessig’s nieuwe boek ‘Remix’ is vandaag uitgekomen.
Google neemt gebruikers in bescherming tegen zichzelf
Overal is te lezen dat Google je zal helpen te voorkomen mailtjes te sturen waarvan je later spijt krijgt, ‘Mail Goggles’. Wanneer je ’s vrijdagnacht of in het weekend een mailtje probeert te sturen, zal Mail Goggles je eerst vragen een aantal simpele wiskundige problemen op te lossen. Dit moet voorkomen dat je dronken en wel e-mails verstuurt waarvan je later spijt krijgt. De belangrijkste bron is Google’s Gmail blog. Daar vind je ook de nuance die in veel nieuwsberichten ontbreekt, het gaat vooralsnog slechts om een functie uit de Google Labs, dat betekent dat de functie nog niet definitief in Gmail is opgenomen:
“None of this stuff is guaranteed to make it onto Google.com, and you should always remember to wear your safety goggles while using this site.” (FAQ bij Google Labs)
Waar minder over te vinden is, is een nieuwe YouTube functie die het mogelijk maakt om een reactie op een video voor te laten lezen, alvorens de reactie te plaatsen. Voor de duidelijkheid: YouTube is in handen van Google. De functie is alleen nog beschikbaar op de Amerikaanse versie van de YouTube-website. De aanleiding is vermoedelijk een komisch stripverhaaltje van Randall Munroe:

In korte tijd dus twee nieuwe functies die de Google-gebruiker tegen zichzelf in bescherming moet nemen. Betutteling door Google, waar gaat dit heen?!
Mijn Ziggo internetverbinding werkt niet, wat nu? - Geplaagd door algemene voorwaarden
Op dit moment moeten we het in Zoetermeer doen met hortend en stotend Ziggo internet. Mijn diagnose: de DNS-servers bij Ziggo werken niet goed. Soms worden de domeinnamen opgepikt, soms niet. Ik ben natuurlijk geen gediplomeerd techneut, gelukkig lees ik op verschillende fora meer over vermoedelijke DNS-serverproblemen bij Ziggo. DNS-servers zorgen ervoor dat domeinnamen worden vertaald naar IP-adressen. Ze zijn daarom erg handig omdat je geen IP-adressen hoeft te onthouden maar domeinnamen. Los van de vraag of ik recht heb op schadevergoeding of gedeeltelijke terugbetaling van mijn abonnementsgeld, vraag ik me af wat ik kan doen om op dit ogenblik gewoon weer zonder zorgen te internetten, en belangrijker: mag het ook?
Alternatieve DNS-servers instellen
Omdat mogelijk de DNS-servers bij Ziggo niet goed werken, kan ik in mijn router alternatieve DNS-servers opgeven. Goedwerkende alternatieve servers zijn te vinden bij OpenDNS. Je bent dan niet afhankelijk van je internetprovider voor DNS-diensten. Ziggo ziet dit waarschijnlijk liever niet: een DNS-server betekent macht. Als ik per ongeluk het niet bestaande domein: www.nuuu.nl in mijn browser invoer, kan Ziggo’s DNS-server mij doorsturen naar een Ziggo webpagina vol Ziggo advertenties en mij vragen of ik de nieuwswebsite Nu.nl bedoelde. Dat lijkt mij reden genoeg voor Ziggo om in zijn algemene voorwaarden op te nemen dat er bij een Ziggo abonnement alleen gebruik gemaakt mag worden van Ziggo’s DNS-servers.
Gek genoeg kan ik daarover niet concreet iets vinden in Ziggo’s algemene voorwaarden. Wel lees ik:
“Behalve wanneer de Klant kiest voor een volledige installatie, zal de Klant alle voor de toegang tot Ziggo Internet benodigde installatiewerkzaamheden zelf (laten) verrichten. De Klant houdt zich daarbij aan de door Ziggo verstrekte handleidingen en instructies.“
In Ziggo’s handleiding staat aangegeven dat routers moeten worden ingesteld op DHCP, dit betekent onder meer dat de DNS-serveradressen automatisch van Ziggo worden verkregen. Handmatig alternatieve DNS-serverinstellingen invoeren, lijkt daarme in strijd met de algemene voorwaarden van Ziggo. Ik vraag me af hoe ik dit moet interpreteren, als Ziggo’s DNS-servers niet lijken te werken.
Internetten met mijn mobiele telefoon als modem
Wanneer de nood toeneemt, word je inventief. Helaas heb ik geen back-up internetabonnement, maar heb ik wel een Telfort abonnement om mobiel te bellen. Ook kan ik daarmee internetten op mijn telefoon. Als ik mijn telefoon nu aansluit op mijn PC en mijn telefoon dan als modem gebruik, kan ik als noodvoorziening voorlopig weer internetten. Wat zeggen de algemene voorwaarden van Telfort hierover?
“Surf & Mail onbeperkt bundel biedt toegang tot internet met een maximale snelheid van 128 kbit/s en is uitsluitend bedoeld voor mailen, surfen en chatten voor gebruik onderweg op een mobiele telefoon. Het is niet toegestaan om met Surf & Mail onbeperkt bundel gebruik te maken van streaming, voice-over-IP, pushmail, VPN en andere handelingen waarbij een grote hoeveelheid data wordt verbruikt. Het is niet toegestaan surf & mail unlimited bundel te gebruiken in combinatie met een laptop. Op Telfort mobiel internet onbeperkt en Surf & Mail onbeperkt bundel is de Fair Use Policy van
toepassing.”
Helaas werk ik nu thuis aan mijn bureau op een laptop, als ik nu achter een gewone desktop-PC had gezeten, zag het er allemaal wat zonniger uit.
Overigens vind ik hetvolgende ook wat vreemd, “Surf & Mail onbeperkt bundel biedt toegang tot internet met een maximale snelheid van 128 kbit/s en is uitsluitend bedoeld voor mailen, surfen en chatten voor gebruik onderweg op een mobiele telefoon. Het is niet toegestaan om met Surf & Mail onbeperkt bundel gebruik te maken van streaming, voice-over-IP, pushmail, VPN en andere handelingen waarbij een grote hoeveelheid data wordt verbruikt”. Vooral omdat Telfort tegelijkertijd adverteert snel internet (768 kbit/seconde) te bieden voor “je favoriete websites als Google, de telefoongids, nieuws, chatten, muziekdownloads en nog veel meer“. Wat blijft er naast je favoriete websites en chatten nog over op internet? Voice-over-IP en YouTube lijkt me, maar dat zijn dan volgens de algemene voorwaarden weer “handelingen waarbij een grote hoeveelheid data wordt verbruikt”.
Voorlopig zit ik met een waardeloze internetverbinding.
Oudere berichten
Welkom op ICT-Recht.com!
Op dit weblog vind je korte en persoonlijke stukjes over ICT- en internetrecht. Wil je op de hoogte gehouden worden, voeg dan deze URL: http://feeds.feedburner.com/Ict-recht aan je RSS-reader toe.


